Onze wijk Berg en Bos is gelegen op de stuwwal van de Veluwe. Deze droge grond wordt al van ver voor onze jaartelling gebruikt voor  woonplekken van mensen. Grafheuvels zijn daar een restant van

--- een stukje geschiedenis ---

Het is twee ijstijden geleden, dat het ijs de rand van het gebied dat nu Veluwe heeft opgerold en opgestuwd. Een dikke laag ijs bedekte toen het huidige noord Nederland tot aan de lijn Haarlem, het Gooi, Utrechtse heuvelrug en de Veluwezoom tot aan Nijmegen. Na die ijstijd van 150 duizend jaar terug, kwam de laatste ijstijd die duurde van ca. 50.000 tot 15.000 jaar geleden. Het ijs kwam toen niet tot aan de "Veluwe", maar bleef steken in Denemarken en Noord Duitsland.

Voor de periode tussen de ijstijden is het de vraag of hier ooit mensen zijn geweest. In die tijd was wat nu Nederland is een onontgonnen gebied waarin rivieren toendra's doorsneden en uitkwamen in de zee die toen veel verder weg lag. Neanderthalers leefden toen in Europa maar het is niet waarschijnlijk dat zij ook in onze omgeving rondtrokken. Er was hier in de toendra immers weinig te halen. Vondsten laten zien dat toenmalige bewoners, rondtrekkende verzamelaars en jagers, zich voornamelijk ophielden langs de riviermonden en de kusten. Daar was vis en in de kustvlakten kon worden gejaagd.

In 2009 werd een Nederlandse vondst bekend van een Neanderthaler fossiel – een stukje schedeldak – vanuit de zee voor de Zeeuwse kust. Destijds stond het gebied droog omdat al het water was bevroren en deel uitmaakte van het landijs dat een groot deel van Noord Europa bedekte. Het fossiel is tussen de 40.000 en 100.000 jaar oud. (afbeelding 2)

De moderne mens die via de Balkan en Oost Europa naar het westen migreerde bereikte ca. 35.000 jaar geleden zuidwest Europa, maar heeft toen waarschijnlijk nooit Nederland bereikt.
Het is pas geruime tijd na de laatste ijstijd, ca.12.000 jaar geleden, dat de moderne mens ook in onze omgevingen arriveerde. Voor onze prehistorie worden twee perioden onderscheiden die met name verschillen in klimaat. In de oude steentijd (Paleolithicum) die voor het Nederlands grondgebied duurde van ca.13.000 tot omstreeks 8800 jaar voor onze jaartelling, was het nog behoorlijk koud en het leven was beperkt tot toendra planten en dieren. In de midden steentijd (Mesolithicum) was het relatief warm. In het landschap hadden zich dichte wouden ontwikkeld. In beide perioden waren het weer jager-verzamelaar groepen met name langs de oevers van rivieren, meren en de kust die mogelijk in ons land actief waren. Zij moeten langs de kust bewust de relatief snelle stijging van de zeespiegel vanwege het smelten van al het landijs hebben ervaren.

Ruim 5000 jaar geleden begonnen de moderne mensen vanuit zuid en oost Europa zich als landbouwers op vaste plaatsen te vestigen en deze leefgewoonten hebben waarschijnlijk omstreeks 5300 v.C. ook al de grenzen van Nederland bereikt. We noemen deze tijd die duurde van 5300 tot 2000 voor onze jaartelling de nieuwe steentijd (Neolithicum). Er is dan sprake van verschillende culturen, zie afbeelding 3.

Een voorbeeld daarvan is wat nu wordt genoemd het volk van de trechterbekers. Zij hebben overal in Europa grote stenen (megalieten) bij elkaar en op elkaar geplaatst. Zo kwamen vanuit het noorden en arriveerden omstreeks 3400 jaar voor onze jaartelling in Drenthe en Noordwest Duitsland waar ze grote stenen graven bouwden, de hunebedden.

Vanuit het zuiden kwamen de boeren van de Klokbekercultuur.
Ze zijn zo genoemd naar hun typische aardewerk, zie afbeelding 4. Dat had de vorm van een kerkklok en was rijk versierd. In Nederland vestigden zij zich op de hoge zandgronden van de Veluwe en Drenthe.?
De boeren van de Klokbekercultuur waren ook handelaren. Uit de kustgebieden van de Oostzee haalde men barnsteen en uit Spanje haalde men zout. Uit Engeland en de Balkan haalde men iets nieuws. Een metaal waarmee men bijlen, dolken en zwaarden maar ook sieraden mee kon maken: koper.
De komst van koperen en bronzen voorwerpen betekende het einde van de steentijd en begon de bronstijd. Deze cultuur verspreide zich over geheel Europa en legde de basis voor het boerenleven dat sindsdien nauwelijks is veranderd. Metalen voorwerpen hielpen de boeren hun land te ontginnen en hun voedsel te verbouwen.
In onze omgeving is gezien het woeste karakter van het landschap van de "Veluwe" dit een gebied geworden waar mensen moeizaam konden overleven. Eenvoudige kleine boerderijtjes met stukjes grond daaromheen vormden samen kleine dorpjes. De leefwijze in die kleine gemeenschappen is in de bijna 3000 jaar tot recent nauwelijks veranderd.

Aan het einde van de steentijd en in de bronstijd veranderde ook de gewoonte waarmee de boeren hun doden begroeven. De boeren begroeven hun doden in grafheuvels die gemaakt werden in de buurt van hun woning. Aan het einde van de steentijd, waren dit graven voor één persoon, later in het begin van de bronstijd werden grafheuvels familiegraven.

De grafheuvels worden met name in Drenthe en op de Veluwe gevonden, alleen in gebied van de gemeente Apeldoorn zijn er zo'n 200 bekend, waaronder enkele aan de westelijke rand van onze wijk.
Daar vinden we ze bijvoorbeeld aan het eind van de Wildernislaan, op het landgoed Berg en Bos (afbeelding 5-1) overzijde van de J.C.Wilslaan) en in park Berg en Bos.
Het zijn allemaal geregistreerde archeologische rijksmonumenten, wat blijkt uit het paaltje dat bij iedere grafheuvel is te vinden. De grafheuvels worden schoon gehouden van struikgewas en bomen. Een voorbeeld daar is monumentnummer 138, het betreft een grafheuvel van een onbepaald (complex) type, datering -2850 t/m -801 (periode late steentijd t/m bronstijd).

De nadere omschrijving luidt: Het betreft een terrein waarin een grafheuvel met als datering Neolithicum en/of Bronstijd. Op grond van de ligging en het uiterlijk van de heuvel mag worden aangenomen dat het hier om een grafheuvel gaat. De grafheuvel ligt op een vlakte in een geaccidenteerd dekzandlandschap in een bosrijk gebied op de Veluwe. De bodemgesteldheid betreft zand. De heuvel is zichtbaar in het landschap. Etc.
Alhoewel er recent weer wetenschappelijke onderzoeken hebben plaats gevonden naar grafheuvels in de kroondomeinen is er in het algemeen nog zeer weinig bekend. Daar vond daar men een stukje bewerkt barnsteen en crematieresten.

Bronnen:
Holleman – Nederland in de prehistorie
Wilschut – De tijd van jagers en boeren
Burenhult – De eerste mens
Internet: o.a. Meester Henk, eigen verzameling perspublicaties (ANP)

Tekst en foto's Henk Otto